Teveel opgenomen vakantiedagen mogen niet worden verrekend met loon

Een werkgever mocht op de eindafrekening van de arbeidsovereenkomst niet een bedrag in mindering brengen wegens te veel opgenomen vakantiedagen. Door toe te staan dat de werkneemster veel meer vakantiedagen opnam dan waarop zij recht had, heeft de werkgever het risico over zich afgeroepen dat de werkneemster de te veel opgenomen vakantiedagen niet meer zou kunnen inhalen.

Bij een luchtvaartmaatschappij begint op 3 oktober 2022 een nieuwe medewerkster in de functie van financieel administrateur. Haar salaris in die functie bedraagt € 3.200 bruto per maand. De arbeidsovereenkomst wordt aangegaan voor de duur van zeven maanden en eindigt dus op 2 mei 2023. Op die dag stuurt de werkgever de werkneemster een brief waarin wordt bevestigd dat haar arbeidsovereenkomst wordt verlengd voor de duur van zes maanden en dat zij voortaan werkzaam zal zijn in de functie van administratief/operations medewerkster tegen een salaris van € 2.700 bruto per maand. Kort daarna zegt de werkneemster de arbeidsovereenkomst op met inachtneming van een maand opzegtermijn.
De eindafrekening van de arbeidsovereenkomst die dan moet plaatsvinden leidt tot onenigheid tussen partijen. De werkneemster claimt allereerst een vergoeding ter grootte van één maandsalaris omdat de werkgever niet uiterlijk een maand voor het einde van de arbeidsovereenkomst heeft voldaan aan de wettelijk verplichte aanzegging omtrent het wel of niet verlengen van de arbeidsovereenkomst. De werkgever daartegenover verrekent een bedrag wegens te veel opgenomen vakantiedagen. De werkneemster is kort na haar indiensttreding zes weken op vakantie naar Suriname gegaan en heeft daarna ook nog diverse vakantiedagen opgenomen, waaronder een vakantie van twee weken in februari 2023.
De werkneemster laat het er niet bij zitten en vordert bij de kantonrechter betaling van de aanzegvergoeding en achterstallig salaris.
De kantonrechter wijst de aanzegvergoeding toe. Omdat de werkgever niet tijdig heeft voldaan aan de aanzegverplichting is de werkgever de aanzegvergoeding verschuldigd. Het verzoek van de werkneemster tot betaling daarvan is ook tijdig bij de kantonrechter ingediend (binnen drie maanden na het moment waarop de werkgever de aanzegging had moeten doen).
Met betrekking tot de teveel opgenomen vakantiedagen stelt de werkneemster dat bij indiensttreding zou zijn afgesproken dat deze dagen niet als vakantie zouden worden beschouwd en dat deze niet zouden worden verrekend. De werkgever betwist dat. De kantonrechter acht het onwaarschijnlijk dat een dergelijke afspraak zou zijn gemaakt, zo kort na de indiensttreding. De werkneemster heeft de afspraak in elk geval niet bewezen. De kantonrechter is echter desondanks van mening dat de werkgever de te veel genoten vakantiedagen niet op de eindafrekening in mindering mocht brengen. De werkgever wist dat de werkneemster na haar vakantie in Suriname al meer vakantie had opgenomen dan waar zij recht op had en had er voor moeten zorgen dat het tekort niet verder zou oplopen. Door dat niet te doen heeft de werkgever het volgens de kantonrechter over zich afgeroepen dat de werkneemster de te veel genoten vakantie-uren niet meer heeft kunnen inhalen. De werkgever heeft die mogelijkheid bovendien nog verder gefrustreerd door de arbeidsovereenkomst niet onder de oorspronkelijke voorwaarden te verlengen, maar onder eenzijdig vastgestelde verslechterde voorwaarden. Dat heeft ertoe geleid dat de werkneemster de arbeidsovereenkomst heeft opgezegd, waardoor zij de te veel genoten vakantiedagen helemaal niet meer kon inhalen.

© 2022 Van Schayk V.O.F. in Veghel